Categories
Bezoekers Kinderopvang Primair onderwijs

Een (buiten)wereld vol beweging

Dit artikel is een uittreksel uit KindVakMagazine 3-2021. Klik hier om het helemaal te lezen!

Bewegend leren, waarom is dat zo belangrijk? Wendy sprak Lotte Klein – coördinator peuteropvang en buitenspeelbaas – en Simon Brouwer – vakdocent Lichamelijke Opvoeding en franchisenemer bij Leer-Bewegend. Zij nemen jou mee in de (buiten)wereld vol beweging.

Wanneer Wendy de vraag stelt waarom buiten leren belangrijk is, zegt Lotte: ‘Waarom zou het eigenlijk niet belangrijk zijn? Op verschillende momenten in het leven merk ik dat het prettig voelt als ik buiten ben en beweeg. Zeker als het even niet zo rooskleurig lijkt allemaal, is de natuur mijn grootste vriend. Wanneer je goed in je vel zit, kom je beter tot leren en blijf je jezelf ontwikkelen. Zo werkt dat ook bij kinderen. Door buiten te zijn leren ze door te zetten als ze in een boom klimmen, balans te houden op een boomstam en ze ontwikkelen ruimtelijk inzicht bij het bouwen van een hut van takken. De ontwikkeling van ieder kind kan dus zeker ook bewegend én buiten.’

Buitenspeelbaas Lotte

Rol van PM’ers en leerkrachten
‘Het is belangrijk dat kinderen veel buiten kunnen spelen gedurende de dag’, vertelt Simon. ‘Als PM’er (pedagogisch medewerker) of leerkracht kan je genoeg mogelijkheden bedenken om een reguliere les dusdanig vorm te geven dat het ook buiten kan. Dat vraagt creativiteit en flexibiliteit maar er is écht heel veel mogelijk. Wanneer kinderen opgroeien met bewegend leren dan zal dit later ook doorwerken in hun leef- en beweegpatroon.’

Rol van ouders
Ouders spelen net als PM’ers en leerkrachten een belangrijke rol in de ontwikkeling van het beweegpatroon van kinderen. Simon: ‘Laat je je kind direct uit school achter de Playstation zitten of ga je samen wandelen, de natuur in of een wedstrijdje voetballen? Op dagen dat je als ouder (begrijpelijk) minder tijd hebt, kan je andere beweegmomenten bedenken. Laat je kind bijvoorbeeld zelf naar school laten lopen of fietsen of laat ze lekker spelen in de (natuur)speeltuin om de hoek.’





Bewegend leren met behulp van de leermatten maakt een les voor leerlingen leuker en uitdagender. De methode vanuit Leer-Bewegend is gemaakt voor leerlingen van groep 3 t/m 8 op de basisschool. Ook binnen het speciaal onderwijs, de buitenschoolse opvang en leerwegondersteuning op het voortgezet onderwijs wordt er gebruik gemaakt van de reken- en spellingmatten

Alles wat je binnen doet, kan ook buiten
‘Ik ben van mening dat alles wat je binnen doet, ook buiten kan’, zegt Lotte. ‘Elke activiteit kun je ombuigen naar buiten. Heel simpel kun je denken aan het tellen en sorteren van de stenen die je buiten vindt of een boekje lezen in een kring op het gras. Dat laatste is misschien niet meteen bewegend, maar dat kun je het wel maken door bijvoorbeeld een dier na te doen uit het verhaal. Daarbij worden je zintuigen anders geprikkeld als je op het gras zit, dan wanneer je op een stoeltje binnen zit.’

Simon: ‘Iedereen kent het hinkelen van vroeger. Zet met stoepkrijt de getallen 1 t/m 10 op een tegel en laat kinderen hinkelen waarbij wisselend met één en twee benen gesprongen moet worden. Of leer de tafels op de trap: de onderste trede is 1×5, op de tweede trede leer je 2×5 en zo door.’

Over de auteur: Wendy Meerbeek is een van de vaste redacteuren van KindVakMagazine. Daarnaast heeft zij haar eigen bedrijf, meersocial.nl, dat bedrijven in de kinderopvang en primair onderwijs helpt met communicatie en organisatie.

Categories
Bezoekers Kinderopvang

Een beetje spannend is niet gevaarlijk

Dit artikel is een uittreksel uit KindVak Magazine 3-2021. Klik hier om het volledige artikel te lezen!

Als je denkt dat ‘risicovol spelen’ alleen hoort bij bso-kinderen, dan heb je het mis.Ook kleine kinderen zoeken spannende situaties op. Althans, situaties die wij als spannend omschrijven. Voor jonge kinderen zijn het in eerste instantie gewoon ‘situaties’.

Oefening baart kunst

Je baby van 9 maanden alleen de trap op laten kruipen, dat noemen we gevaarlijk. De risico’s daarvan zijn niet te overzien. Je baby van 9 maanden de trap op laten kruipen, terwijl jij er achter loopt, vinden we een stuk minder gevaarlijk.

Wellicht komt de gedachte in jou op: “Als ik een jong kind geen gelegenheid bied, dan gaat de interesse misschien wel voorbij, totdat hij of zij zelf die trap op en neer kan?” Dan volgt daarna alleen het punt: “Maar wanneer is dat dan en je moet ook oefenen om iets goed te kunnen.  

Zoek een balans

Als ouder of professional wil je kinderen beschermen tegen pijn. Of dat nou fysieke pijn of mentale pijn is. Aan de andere kant hebben kinderen ook ruimte nodig, ruimte om te ontdekken wie ze zelf zijn en wat ze leuk vinden. Daarnaast hebben kinderen ruimte nodig om hun grenzen te leren kennen: tot wanneer vind ik iets leuk, tot waar durf ik te gaan en hoe hoog durf ik te klimmen? Als ouder en professional is het de kunst om hierin een balans te vinden.

Reageer relaxed

Wat je als persoon ergens van vindt, begint bij jezelf. Je wordt gevormd door je genetische aanleg in combinatie met de ervaringen die je in het leven opdoet. Het is belangrijk om je hier, als ouder of professional, bewust van te zijn. Dus wat jij meeneemt in de relatie met een kind, bepaalt deels hoe een kind later met iets omgaat.

Kijk maar eens in de eigen praktijk en je zal zien dat wanneer kinderen vallen, als het patroon nog niet echt is ingesleten en zonder al te veel pijn te hebben, ze eerst naar jou kijken om te zien hoe jouw reactie is. Afhankelijk van jouw reactie zal een jong kind de reactie daarop aansluiten. Als jij rustig reageert, dan zal een kind ook relaxter reageren, dan wanneer jij er een groot drama van maakt.  

Risicovol spelen

Tegenwoordig is er steeds meer aandacht voor risicovol spelen. Risicovol spelen houdt in dat kinderen de mogelijkheid krijgen om spannende, uitdagende en avontuurlijke activiteiten te ondernemen, waarbij er een risico bestaat op een (kleine) verwonding. Kinderen vinden risicovol spelen leuk, omdat zij spanning en ook trotse gevoelens kunnen ervaren.

Onderzoek toont aan dat risicovol spelen een positieve invloed heeft op de ontwikkeling van kinderen. Een aantal voordelen van risicovol spelen is dat kinderen risico’s leren inschatten, dat ze cognitieve vaardigheden ontwikkelen om de juiste beslissingen te nemen als ze zich in een risicovolle situatie bevinden en dat hun zelfvertrouwen en doorzettingsvermogen groter wordt. Ook worden direct verschillende ontwikkelingsgebieden gestimuleerd, zoals de motoriek, en werken kinderen aan hun sociale vaardigheden.

Over de auteurs:

Marije Magito (marije@hetjkc.nl) is directeur van Stichting Jonge Kind Centrum, een organisatie die educatieve diensten aan ouders met hun jonge kind biedt. Zij is lid van de adviesraad van de KindVak.   

Mireille David (m.david@cedgroep.nl) is pedagoog en werkzaam als Senior Innovatie- en organisatieadviseur bij de CED-Groep. Zij is lid van de adviesraad van de KindVak en redacteur voor KindVakmagazine. Mireille schreef het boek De gelukkige pm’er voor alle bezoekers van de KindVak in januari 2020.

Categories
Bezoekers Kinderopvang

Groene buitenruimte leeft!

Dit is een uittreksel van het artikel in KindVak Magazine 3-2021. Klik hier om het volledige artikel te lezen!

De afgelopen jaren is er veel gaande als het gaat om de inrichting van de speelruimte. Betontegels eruit en meer ruimte voor groen. Ook in de kinderopvang. Het zorgt voor aantrekkelijke buitenruimte waar kinderen vaak ook meer te beleven hebben.

‘Buitenspelen is leuk!‘
Dat zeggen bijna alle kinderen. Maar het is veel meer dan alleen maar leuk als we kijken naar wat kinderen laten zien in hun spel. Het is van groot belang voor de ontwikkeling van een kind. Buitenspel is een moment van de kinderen. Een moment waarin ze zelf voor keuzes komen te staan en deze met elkaar moeten afwegen. Dat maakt dat buitenspelen een grote bijdrage kan leveren aan de fysieke, motorische, creatieve, cognitieve, emotionele en sociale ontwikkeling van het kind. Ieder kind heeft ruimte nodig om zichzelf te ontwikkelen en om grenzen te verleggen, een plek om met creativiteit een eigen spel te spelen. 

Buiten kan dat beter dan binnen omdat hiervoor meer mogelijkheden zijn en er meer gelegenheid is om grenzen te verleggen en eindeloos te oefenen. Zo bevordert buitenspelen vaardigheden als rennen, klimmen, springen, glijden, gooien, vangen, schoppen, schommelen en buigen. Tijdens het buitenspelen leren kinderen bovendien hun creativiteit te gebruiken en ontwikkelen ze hun fantasie. Kinderen maken daarnaast zelf hun spelregels, werken samen of concurreren met elkaar. Hierdoor leren ze om te gaan met winnen en verliezen en ontwikkelen ze emotionele vaardigheden als empathie, flexibiliteit en zelfbewustzijn.

Maar dit alles zegt nog weinig over een groene invulling van de speelruimte. Toch zal je zien zodra groen wordt toegevoegd aan de speelruimte dit gelijk positieve invloed heeft op goede zonering, ruimtelijk opbouw, uitdaging en structuur. Daarnaast komt een groene spelomgeving een veel vriendelijkere uitstraling en maakt het een aangenamere plek om te verblijven. Maar daarnaast heeft ruimte voor groen heeft nog veel meer voordelen. Onder ander voor klimaatadaptatie, tegen hittestress en duurzaam omgaan met (hemel)water. In de kinderopvang wordt vaak gekozen voor schaduwdoeken, terwijl een paar bomen de buitenruimte veel meer koelen. Tegels houden op warme dagen warmte vast. Een boom zorgt voor verkoeling. Onder een schaduwdoek blijft de warme lucht veel meer hangen, maar kan deze wel tussen bladerdek opstijgen. Bomen verdampen op warme dagen ook veel vocht wat ook maakt dat de omgeving koeler wordt. En door in het najaar blad juist even te laten liggen, hebben de kinderen met deze losse natuurlijke materialen tal van andere spelmogelijkheden.

Over de auteur: Eelco Koppelaar is specialist in speelruimte, zijn ontwerp- en adviesbureau verzorgt ontwerpen voor kinderopvang, scholen, recreatie en openbare ruimte waarin groen de hoofdrol heeft.

Categories
Bezoekers Algemeen Algemeen

365 dagen in het jaar naar buiten

Dit artikel is afkomstig uit KindVak Magazine 3-2021, klik hier om het in zijn geheel te lezen!

15% van de kinderen speelt nooit buiten, terwijl buiten sporten, spelen en bewegen zo belangrijk is voor de gezondheid en ontwikkeling van een kind. ‘Buiten zijn met andere kinderen, leren over de natuur, angsten overwinnen en grenzen ontdekken, dat gun ik ieder kind’, zegt Mijke Sluis, Kwartiermaker van de Buitenspeelcoalitie.

Medio 2020 hebben de Johan Cruyff Foundation, Krajicek Foundation, Jantje Beton, samen met het Mulier Instituut en het Kenniscentrum Sport en Bewegen de handen ineengeslagen om vanuit samenwerking meer kinderen en jongeren aan het spelen en bewegen te krijgen. Samen vormen zij de Buitenspeelcoalitie, ondersteund door het Ministerie van VWS. Mijke: ‘Ieder kind moet de kans krijgen om buiten te kunnen spelen en dat is lang niet altijd zo, helaas. Omdat wij het ongelooflijk belangrijk vinden dat ieder kind wél buiten kan spelen, is de Buitenspeelcoalitie ontstaan.’

‘Buiten spelen en sporten is nu belangrijker dan ooit. Tijdens de coronapandemie is 80% van de jongeren minder gaan bewegen. Niet alleen liggen coronakilo’s op de loer, maar ze missen ook het contact met hun vrienden. Er is geen positieve uitlaatklep en daardoor zitten veel kinderen ook slechter in hun vel. Met de Buitenspeelweek willen we heel Nederland oproepen meer buiten te spelen en te bewegen. Laat dit het begin zijn van een buitenspeelrevolutie!’

Dave Ensberg-Kleijkers, directeur bestuurde Jantje Beton

Het hele jaar door buiten  
Ieder jaar wordt de Buitenspeeldag georganiseerd. ‘Maar er is meer aandacht nodig. Daarom heeft afgelopen maand de eerste editie van de Buitenspeelweek plaatsgevonden. Tijdens deze week heeft een groot aantal activiteiten plaatsgevonden waar ook professionals, ouders en grootouders bij zijn betrokken. Een groot succes’, vertelt Mijke, ‘maar natuurlijk we willen nog meer bereiken. Niet alleen tijdens een Buitenspeelweek maar het gehele jaar door willen we beweegmomenten creëren. Dit kan bijvoorbeeld na schooltijd en in het weekend, maar ook tijdens de pauze, de wandeling van huis naar school, op de buitenschoolse opvang, op de Nationale Buitenlesdag en tijdens de Koningsspelen. Het is belangrijk dat we met elkaar creatief nadenken we kunnen doen om kinderen meer buiten te laten spelen en om ervoor te zorgen dat er meer speelplekken zijn. Onze coalitie kan professionals en ouders hierin ondersteunen. Met elkaar kunnen we de krachten bundelen, dan komen we ver.’

Auteur: Wendy Meerbeek, meersocial.nl

Categories
Bezoekers Kinderopvang Primair onderwijs

Natuurlijk spelen! Tips & tricks voor duurzame & groene buitenspeelruimtes

Spelenderwijs leren en ontdekken, dat gun je ieder kind! Daarom realiseren wij bij Van Vliet Duurzaamhout veilige, groene buitenruimtes. Of je nu kiest voor een buitenklas met een zitkring van hout, een waterspeelplek, een plein met een (boom)hut, picknicktafels voor groot en klein, een moestuin of insectenhotel… wij maken natuurlijk spelen mogelijk voor iedere school en kinderopvang.

Niet alleen binnen vindt de ontwikkeling van kinderen plaats maar juíst ook daarbuiten. Daarom kiezen wij voor duurzame en groene buitenspeelruimtes. Samen creëren we een plek waar kinderen leren en ontdekken en waar ruimte is om te doen wat hij of zij wil. Een groen plein dat leuk is voor ieder kind!

Hoe gaan we te werk?
Op de vraag hoe je een ruimte zo groen mogelijk maakt, geven wij graag antwoord. Omdat iedere vraag anders is, leveren wij maatwerk in samenwerking met speelplaatsinrichters. Samen met onderwijs- en kinderopvangprofessionals, kinderen en ouders bouwen we een duurzame buitenspeelruimte. Van ontwerp tot realisatie, wij begeleiden het gehele proces. Ook een leer- én duurzame buitenspeelruimte? Neem vrijblijvend contact met ons op. Wij maken graag kennis.

Van Vliet Duurzaamhout, de nummer 1 leverancier van Europees duurzaam hout!

Subsidies
Steeds meer stichtingen, provincies en gemeenten hebben een subsidieregeling voor een groener plein. Verschillende organisaties stellen subsidies en fondsen beschikbaar en ook kleinere fondsen steunen dit initiatief. Het aanvragen van een subsidie kan het gehele jaar door. Meer informatie over subsidies per provincie is te vinden op de website van Zwijsen. Informeer ook zeker bij je gemeente en provincie!

3 tips voor natuurlijk spelen

Geef buiten les
Wat je binnen doet, kan vaak ook buiten. Een groene buitenspeelruimte is dé plek om beweeg- en natuurles te geven. Maak bijvoorbeeld een buitenklas met een zitkring van hout. Gebruik deze ‘klas’ ook voor de pauzes, de Nationale Buitenlesdag, de Buitenspeelweek, teamoverleggen of ouderavonden. Een groene buitenruimte draagt ook bij aan rustmomenten voor een kind. Zo kunnen kinderen in een houten (boom)hut een boek lezen of een spel doen in de buitenklas. Voor de kinderen fijn maar als volwassene word je toch ook blij van lekker buiten aan het werk zijn? Meer speel- én werkplezier dus.

Voor ieder kind

Bij de inrichting en activiteiten op de kinderopvang en school is het belangrijk om materialen te kiezen voor diverse leeftijden en typen kinderen. Zo kan het leuk zijn een kleine moestuin te creëren waardoor de natuurles buiten plaats kan vinden. Zo eten kinderen ‘van het plein’ en leren ze nog meer over planten en voeding. Maak ook samen met kinderen een insectenhotel van duurzaam hout. Wat zullen ze een hoop nieuwe diersoorten ontdekken. Een leuke plek voor kinderen maar ook een fijne omgeving voor dieren.
Is er een praktijkklas op school? Laat kinderen zelf (buiten) met hout iets moois en duurzaams maken. Of heeft de kinderopvang een sportlocatie? Maak deze duurzaam met mooie houten picknickbanken, zand- en waterspel en duurzame verlichting.

Groen in de stad
In steden waar de natuur niet ‘om de hoek’ ligt, biedt een groene buitenspeelruimte ook meerwaarde. Zo verduurzaamden we het schoolplein van Meester Baars School in Rotterdam voor het tv-programma Green Make Over.

Categories
Bezoekers KindVak 2022

KINDVAK BREIDT UIT!

De komende editie van KindVak, op 13-14-15 januari 2022 in Brabanthallen ’s-Hertogenbosch, wordt uitgebreid met een extra hal om ruimte te bieden aan een toevoeging aan het exposantenaanbod: het facilitaire segment.

“KindVak is in de afgelopen 25 jaar autonoom uitgegroeid tot een beurs met een breed aanbod. Wij zien dat dit met name bedrijven zijn die zich richten op alles wat met het kind te maken heeft. De bedrijfsvoering daar omheen – het facilitaire aspect – is de afgelopen jaren steeds belangrijker geworden. Dat wilden we ook graag terug laten komen op de beursvloer.” Volgens Gerbrig Reitsma, beursorganisator KindVak bij ConExpo, kwam de samenwerking met Thierry Trampe, Han van Egdom en Marco van de Wetering daarom op het juiste moment.

De heren organiseerden al eerder een evenement voor deze doelgroep, Platform Onderwijs Facilitair. Dat evenement wordt geïntegreerd in KindVak. “Hierdoor kunnen we de beurs in één keer substantieel uitbreiden. En dat is van belang voor de bezoeker: die wil zich kunnen oriënteren, rondkijken en vergelijken.”  Niet alleen het exposantenaanbod wordt uitgebreid, ook in het workshopprogramma komt het facilitaire thema uitgebreid aan bod.

Met de overname en de toetreding van Han en Thierry tot het salesteam van KindVak, denkt de organisatie in januari fors meer bezoekers te trekken.

Meer informatie?

Neem contact op met Gerbrig Reitsma, ConExpo, beursorganisator van KindVak: gerbrig@conexpo.nl of via 073 – 2020229

Categories
Algemeen Bezoekers

Gelukkig, een ontwikkelingsvoorsprong?

Dit bericht is een uittreksel van het artikel uit KindVak Magazine 2-201. Lees het hier helemaal!

Om gelukkig te zijn, moet je je gehoord, gezien en begrepen voelen. Dat geldt voor volwassenen en kinderen. Maar met een ontwikkelingsvoorsprong loopt dat soms anders.

Je wordt niet altijd goed gezien. Je gedrag wordt anders geïnterpreteerd, dat wat je zegt, wordt niet goed verstaan en je omgeving be­grijpt niet altijd jouw intenties en behoeftes en begrijp jij de omgeving niet altijd. En als je je niet begrepen voelt, heeft dat gevolgen. En die gevolgen maken je niet gelukkig.

In de praktijk zie ik regelmatig dat jonge kin­deren met ontwikkelingsvoorsprong zich thuis prettig voelen. Maar in de kinderopvanggroep of in de klas laat dit kind minder zien wat het leuk vind, waar het goed in is, gaat geen uit­daging aan, speelt het meer naast de kinde­ren, trekt het vooral naar de begeleiders of leerkracht, wil het zelfs niet meer naar op­vang of school. Thuis krijgt het regelmatig een uitbarsting van emoties thuis, vertoont het clownesk gedrag in de groep of deint wat mee en krijg je van ouders te horen dat dit kind thuis veel meer laat zien.

Ontwikkelingsvoorsprong, zoals ik nu gebruik, is de term voor jonge, hoogbegaafde kinde­ren. Het model van Tessa Kieboom helpt om te duiden welke kenmerken zichtbaar kunnen zijn. Zij gebruikt daarvoor 2 luiken: het cog­nitieve of denkluik en het zijnsluik. Deze lui­ken zijn aanwezig bij deze kinderen, daaruit komen een aantal kenmerken voort die zicht­baar kunnen zijn in het gedrag voor de goede verstaander. Kenmerken als perfectionisme, rechtvaar­digheidsgevoel, kritisch zijn naar jezelf en de omgeving, gevoelig voor sfeer en personen en dat alles met een laagje autonomie maakt dat deze kinderen ook kwetsbaar kunnen zijn. Deze kenmerken zijn namelijk mooie ei­genschappen, maar kunnen kinderen ook overvallen en machteloos laten voelen.

Auteur van dit artikel is Mirjam Veldhoven, eigenaar van Cleverbee

Categories
Kinderopvang Bezoekers

Blij met IKK!

Dit bericht is een uittreksel van het interview uit KindVakMagazine 2-2021. Lees het hier helemaal!

Sinds de invoering van extra kwaliteitsregels voor de kinderopvang (vanuit de Wet Innovatie en Kwaliteit Kinderopvang, IKK) is het volgen van een babycursus verplicht voor pedagogisch medewerkers die op een babygroep werken. Zo’n cursus is wel even puffen. Maar pedagogisch medewerkers zijn razend enthou­siast.

We spreken drie pedagogisch medewerkers die op babygroepen werken. Christel Vlahovl­jak-Van Beek werkt op een verticale groep bij Partou Prikkebeen in Leiden. Elisabeth Griep en Natasja Maassen zijn medewerkers op ba­bygroepen van Bink kinderopvang. Elisabeth werkt bij Toermalijn in Hilversum, Natasja bij Duinpaleis in Soest, beiden op een horizonta­le groep. Van alle drie mag je wel zeggen dat werken met baby’s hun passie is.

Jullie hebben alle drie vele jaren terug je pedagogische opleidingen afgerond. Nu heb je een IKK-baby-cursus gevolgd. Hoe zag dat eruit?

NATASJA: ‘Ik heb net voor het begin van de coronatijd de IKK-babycursus gevolgd, die werd aangeboden door De Lindenkracht. Met tien pedagogisch medewerkers gingen we acht hele dagen naar school. De cursus was erg intensief, het was zeker geen oppervlak­kig aanbod. We moesten enkele boeken le­zen, presentaties geven, opdrachten uitvoe­ren op de werkvloer en we kregen huiswerk.’

CHRISTEL: ‘Ik heb de cursus volledig online ge­daan, die werd aangeboden door E-school­kinderopvang. Dat ik de cursus online volgde kwam deels door corona, maar ook omdat ik al vergevorderd was in mijn zwangerschap. Ik mocht toen niet meer op de groep werken. In mijn praktijkopdrachten moest ik filmpjes beoordelen, daarin stonden steeds hele dui­delijke opdrachten over wat je in bepaalde si­tuaties moest doen en laten. Of ik kreeg een filmpje te zien en daarna de vraag: welke sig­nalen zie je bij deze baby?’

‘Verder kon ik altijd terecht bij onze pedago­gisch coach, als ik specifieke vragen had of iets onduidelijk vond. Met de pedagogisch coach heb ik, naar aanleiding van mijn op­drachten, heldere doelen geformuleerd waar­mee ik dan verder kon op de groep.’

Pas je wat je hebt geleerd op de cursus nu toe in je dagelijkse werk? Wat doe je anders dan vroeger?

CHRISTEL: ‘Ik had natuurlijk tijdens mijn peda­gogische opleiding al veel geleerd over ba­by’s. Over hoe ze denken, handelen en doen. Ook in onze teamvergaderingen krijgt exper­tise altijd een plek. Ik wist het allemaal wel. Maar toch is het handig om extra zaken te leren. Ik kan me nu sterker maken tegenover ouders en praat makkelijker en met meer kennis tijdens rondleidingen voor ouders.’

‘Verder voelt het vooral als verfrissend. Zo’n cursus gaat overal diep op in. We zijn ons bijvoorbeeld op de groep bewust geworden dat we vroeger altijd zachtjes muziek hadden aanstaan. Na mijn cursus besefte ik hoe hef­tig alles is voor baby’s. Muziek, gillende kin­deren, geuren. Sindsdien hebben we nooit meer muziek aanstaan.’

ELISABETH: ‘Wij gaan op de groep nu bewus­ter om met feed back geven. Dat is enorm belangrijk. De cursus leerde me dat je voor­al baby’s eerst moet observeren en dan pas conclusies moet trekken. Mijn collega wees me erop dat ik daar te snel in was. Ik trek soms te snel conclusies. Nu neem ik de tijd en observeer de baby eerst goed, pas daarna kijk ik wat hij nu precies nodig heeft. Ik had vroeger soms last van een tunnelvisie: “Ik ben dit gedrag al zo vaak tegengekomen bij ande­re kinderen, dus daarom zal de baby om die reden ook nu wel huilen.”’

NATASJA: ‘Ik heb enorm veel geleerd over hoe je stress kunt reduceren bij baby’s. Hoe je nog meer veiligheid en geborgenheid kan bieden, door ze individuele aandacht te geven. Zodat ze eerst aan jou kunnen wennen, de eerste weken.’

‘En ik heb veel geleerd over spiegelen, over hoe je met je eigen gedrag onrust kunt over­brengen op de baby. Want als je zelf druk en onrustig bent, spiegelen kinderen dat. Als je zelf relaxed blijft, komt dat ook over op de kinderen. Zelf deed ik dat al wel goed, maar een collega van me was altijd vrij stresserig. Die doet het na haar babycursus nu super­goed. Ze is rustiger, geeft één-op-éen aan­dacht en let beter op signalen. Daar worden de baby’s ook relaxed van.’

De auteur van dit interview is Aart Verschuur, hoofdredacteur BBMP en al 20+ journalist in deze branche.

Categories
Kinderopvang Bezoekers

De gelukkige baby

Dit bericht is een uittreksel van het hele artikel uit KindVakMagazine 2-2021. Lees hem hier volledig!

Breng je je kersverse aanwinst binnen het gezin naar de kinderopvang, dan wil je uiteraard als ouder of verzorger dat jouw baby zich daar gelukkig voelt. In de praktijk blijkt daar niet heel veel voor nodig te zijn, als professionals zich bewust zijn van hun aanpak.

ONVERDEELDE AANDACHT

De professionalisering voor pedagogisch medewerkers die met baby’s werken, heeft een toevlucht genomen en dat juicht ieder­een toe. De opvang voor baby’s moet serieus genomen worden. Voorkom dat de allerjong­sten als ‘aantallen’ gezien worden, als aan­tallen waarmee geschoven wordt zodat de beroepskracht-kindratio klopt.

Wie voor een babygroep kiest, die weet dat sommige elementen daarbij tijd kosten. Denk bijvoorbeeld aan het ‘flessen’. Je moet hier geduld voor hebben en het niet als belemme­ring zien dat dit nu eenmaal tijd kost. Maak gebruik van dit soort momenten om een baby een-op-een aandacht te geven.

Als je naar baby’s kijkt, dan worden zij echt gelukkig als ze deze kwalitatieve aandacht krijgen. ‘Onverdeelde aandacht’, zoals dit ook wel door de kinderarts en pedagoog Emmi Pikler genoemd werd. Deze onverdeel­de aandacht kan je geven door de tijd te ne­men als je een gesprekje voert, een kiekeboe spelletje speelt of een babymassage geeft. Op die manier kunnen baby’s emotioneel even bijtanken en dat hebben deze jonge kin­deren nodig. Het helpt als je hier iedere dag bewust de tijd voor neemt en dit opneemt in de dagplanning.

TOPSPORT

De Universiteit van Utrecht en Sardes heb­ben samen een babyhandreiking geschreven waarin tips staan voor pedagogisch mede­werkers om de educatieve opvangkwaliteit te verbeteren.

De tips zijn ingedeeld in vier categorieën: be­wegingsruimte en inrichting, vroege taalon­dersteuning, ondersteunen van exploratie en spel en contact maken tussen kinderen.

Een opvallend item in deze handreiking is de vermelding dat uit de LKK (Landelijke Kwa­liteitsmonitor Kinderopvang) blijkt dat er kwaliteitsverschillen zijn tussen de opvang in horizontale en verticale groepen. Zo is de emotionele en educatieve kwaliteit van ba­by’s en dreumesen in horizontale groepen hoger dan in verticale groepen. Dit komt on­der meer omdat het voor pedagogisch mede­werkers lastiger is om bij alle kinderen goed aan te sluiten, als de leeftijdsgroepen gevari­eerd zijn. Het werken op een verticale groep, wordt daarom ook wel als ‘topsport’ gezien, want het is hard werken om alle kinderen in de groep voldoende aandacht te geven en ze daarbij ook nog te stimuleren in hun ontwik­keling.

ONDERLINGE ONTMOETING

Een uitdaging bij het werken met baby’s, is rekening houden met de onderlinge ontmoe­ting tussen kinderen. Medewerkers van ver­ticale groepen maken zich vaak zorgen over de veiligheid van de baby’s en zijn daardoor geneigd ze af te schermen van de rest van de groep. Als je zorgt voor een afgebakende plek op de grond, waar baby’s rustig kunnen liggen en met elkaar in contact komen, dan biedt je al deels ruimte voor deze onderlin­ge ontmoeting. Om ook met oudere kinderen in contact te komen, kan je het ‘Singeruurtje’ inzetten. Hierbij zit je als professional samen met de baby’s op de grond, op een plek in de ruimte. Een plek het liefst tegen de muur, zodat je uit de loop zit maar wel in de groep. Je kan baby’s dan beschermen als dat nodig is en je geeft alle kinderen in de groep op die manier de kans elkaar onderling te ontmoe­ten.

BEWUSTE AANPAK

Heb je een babygroep of verticale groep waarin je ook baby’s opvangt, neem dan als team de tijd om met elkaar te bespreken wat jullie nog kunnen aanscherpen om ervoor te zorgen dat alle baby’s zich gelukkig voelen. Door bewust na te denken over de aanpak en afspraken met elkaar te maken over de opvang van deze jonge kinderen, zorg je er­voor dat baby’s en hun ouders of verzorgers gelukkig zijn met de opvang die jullie bieden.

Auteurs: Mireille David, CED Groep en Marije Magito, Het Jonge Kind Centrum

Categories
Primair onderwijs Bezoekers

Geluk voor ieder kind: jij doet er toe

Dit artikel is een uittreksel uit KindVakMagazine 2-2021. Ook benieuwd naar tip 2 en 3? Lees ze hier helemaal!

Geluk, het gaat niet alleen over huppelend naar school gaan of vrolijk naar de kinderopvang. Gelukkig zijn is het mooiste om een kind te leren en waar het écht om gaat. Wendy ging op zoek naar geluk in de klas en opvang en deelt deze tips met jou.

TIP 1: MINDFULNESS

In onze steeds veranderende volle maat­schappij krijgen ook kinderen het steeds drukker. Het lijkt wel of kinderen altijd ‘aan’ staan en de ‘pauzeknop’ vaak wordt verge­ten. Daarom wordt Mindfulness steeds meer toegepast op scholen en de buitenschoolse opvang.

Sabrine Jongmans – van Oort, leerkracht en kinderyoga docent vertelt: ‘Bewuste rust­momenten lijken schaarser te worden en zijn hard nodig. Mindfulness voor kinderen is van zoveel meerwaarde. We werken in deze tijd veel met ons hoofd terwijl je lichaam vertelt hoe het met jou gaat. Door Mindfulness leren kinderen gedachten, gevoelens en sensaties steeds eerder op te merken en hier mee om te gaan. Het zelfvertrouwen groeit, de veer­kracht vergroot, focus en concentratie nemen toe, (buik)pijnen kunnen soms verdwijnen als sneeuw voor de zon, omgaan met toetsstress lijkt gemakkelijker te worden en het geluksge­voel neemt toe. Daar wordt iedereen blijer en gelukkiger van.’

Met kinderen kun je spelenderwijs oefenen, dit kan je als leerkracht of PM’er zelf doen of nodig een yogadocent uit voor een proefles. Sabrine: ‘De allereerste keer is het misschien even wennen, dit soort oefeningen hebben kinderen vast nog niet gedaan. Maar na een aantal keren is het een onderdeel van de les­dag. Wanneer ik voor de klas sta vragen de kinderen: ‘Juf, doen we vandaag weer een ‘yogadutje’?’

Een aantal voorbeelden voor in de klas of op de groep:

1. Spaghetti oefening

Je lichaam kun je maken als harde spaghet­ti, zoals je deze koopt in de winkel. Van die lange harde slierten die ook heel gemakkelijk breken. Maar als je spaghetti in de pan doet, dan beweegt het helemaal mee en wordt het zacht. Je kunt je lichaam maken als harde spaghetti (adem maar eens diep in, span al je spieren aan… je handen, vingers, armen, buik, billen, benen, voeten, tenen, schouders en zelfs je gehele gezicht) en daarna ga je lek­ker in dat warme water en word je helemaal zachte spaghetti. Adem dan maar eens lang uit en laat alle spieren in je lichaam ontspan­nen en zacht worden. Na een aantal keren ‘spaghetti slierten’ te zijn is er meer rust en ontspanning in het lichaam.

2. Voorlezen

Relaxkids heeft mooie verhalen die je ge­makkelijk tussendoor kunt voorlezen. Laat de kinderen zelf een lekker plekje kiezen waar ze prettig liggen of zitten en nodig ze uit hun ogen te sluiten. Vertel of lees rustig een ver­haal voor waar visualisaties een grote rol spe­len. Aan het einde rek, strek en geeuw je even lekker met zijn allen en de energie is weer wat opgeladen.

3. Dierenoefening

Loop eens zo lang als een giraffe door de ruimte. Rek alles uit en maak je zo groot mo­gelijk. Loop op je tenen, rek je benen, strek je buik, nek en neem je armen, handen en vin­gers zo lang mogelijk mee de lucht in. Daarna kruip je als een muisje zo klein mogelijk in een veilig warm holletje. Deze houding wordt de ‘kindhouding’ genoemd. Benieuwd naar meer oefeningen of meer we­ten over Mindfulness voor kinderen? Neem eens een kijkje op deze site of volg Sabrine op Instagram

Auteur van dit artikel is Wendy Meerbeek, vaste redacteur en eigenaar van Meersocial.nl.